De rol van verzekeraars bij schade door klimaatverandering

Gepubliceerd 18 juni 2020

Dat het klimaat verandert is ook te merken bij schadeverzekeraars. Extreem weer leidde op 23 juni 2016 tot 100.000 schademeldingen en 600 miljoen verzekerde schade aan gebouwen, voertuigen en gewassen. Verzekeraars spelen een belangrijke rol bij het beheersbaar maken van klimaatrisico’s van hun klanten. Samen Klimaatbestendig spreekt met Timo Brinkman. Hij is senior beleidsadviseur bij het Verbond van Verzekeraars, de brancheorganisatie van schade- en levensverzekeraars. Ik vraag hem naar de laatste ontwikkelingen over schadeverzekeringen in relatie tot klimaatverandering.

Hoe zien jullie de gevolgen van klimaatverandering terug?

“Over de afgelopen vijftien jaar is er een stijgende lijn van extreme weerevents. We zien een grote stijging van schadelasten. Ook zijn er nieuwe schadegebeurtenissen. In het verleden waren het met name stormen, maar we zien nu ook enorme hagelbuien, extreme regen en droogte.”

“Door één hagelbui kan een boer zijn complete jaaromzet mislopen!”

Aan wat voor schade moeten we denken door extreem weer?

“Recent publiceerden we de top tien verzekerde schadegebeurtenissen van de afgelopen jaren op onze website. Veel soorten schade staan nog niet eens in dit overzicht, zoals bedrijfsschade. Droogte heeft effect op agrarische ondernemingen, maar je moet ook denken aan bosbranden en rivieren die droog staan waardoor transporten stilvallen. Hagelbuien veroorzaken schade aan auto’s, daken, zonnepanelen en kassen. Door één hagelbui kan een boer zijn complete jaaromzet mislopen! Ze hebben vaak één oogst en als daar een goede hagelbui overheen gaat…  Boeren kunnen zich hier wel goed voor verzekeren, omdat zo’n hagelbui vaak heel lokaal is en het risico dus te spreiden is; de basis van verzekeren.”

Is schade niet altijd te verzekeren?

“Als een risico te groot of te onzeker is, kun je dat niet verzekeren. Verzekeraars kunnen hun portefeuilles wel herverzekeren in het buitenland, maar bij onzekerheid is dit lastiger. Ook een herverzekeraar weet dan niet waar hij aan toe is. Die ziet het liefst risico’s die je goed kan inschatten op basis van historische data. Dat is bij klimaatverandering niet zo makkelijk. De ontbrekende informatie kun je wel aanvullen met wetenschap. Daarom is wetenschappelijk onderzoek zo verschrikkelijk belangrijk.”

Je hebt het over herverzekeren. Wat houdt dit in?

“De meeste verzekeraars in Nederland begonnen als lokale verzekeraar. Voor brand kon je je goed bij hen verzekeren, maar niet voor extreem weer, omdat dit een grote groep raakt. Verzekeraars gingen daarom de risico’s landelijk uitspreiden. Tegenwoordig zetten verzekeraars risico’s zelfs internationaal uit. Zo hebben Nederlandse verzekeraars risico’s in de Verenigde Staten op de balans. En Amerikaanse verzekeraars hebben risico’s hier verzekerd. Extreem weer kan een hele portefeuille treffen. In zulke gevallen kunnen verzekeraars een beroep doen op herverzekeraars.”

“Het valt ons bij grote weerevents op dat het lerend vermogen voorafgaand heel laag is.”

Zijn mensen zich bewust van de gevolgen van klimaatverandering en de mogelijkheden van verzekeren?

“Dat verschilt heel erg per persoon. Klimaatontkenners zijn gelukkig een minderheid. Maar bewustzijn dát het klimaat verandert is één, bewustzijn dat het jou kan raken is twee, bewustzijn dat je iets kan doen is drie en dat je geld hebt om iets te doen is vier. En dan moet je ook nog in actie komen, dat is vijf.
Boeren hebben bij uitstek ervaring met extreem weer. Maar het bewustzijn bij boeren over het veranderende weer in de toekomst door klimaatverandering kan echt nog wel beter. Het valt ons bij grote weerevents op dat het lerend vermogen van eigenlijk iedereen in Nederland voorafgaand laag is. Voor inbraak en brand treffen mensen maatregelen, maar maatregelen tegen klimaatverandering staan op een laag pitje. Nadenken over verzekeringen is voor veel ondernemers vaak al een grote stap, laat staan maatregelen nemen op basis van preventieve adviezen over gebeurtenissen die ze zelf nog nooit hebben zien gebeuren. Ook niet bij collega-ondernemers. Financiële adviseurs werken vanuit hun lokale ervaring. Een extreem weerevent kan heel lang uitblijven, maar áls het gebeurt dan treft het meestal een hele regio. Dat zag je ook bij de hagel van Zuidoost-Nederland. Op dat moment bellen de financiële adviseurs ons op en vragen om coulance.”

Wat is er volgens jou nodig hiermee om te gaan?

“Het is van belang om mensen bewust te maken en handelingsperspectief te bieden. Hier willen we ook meerwaarde in bieden. Bij klanten en bij financieel adviseurs. We zouden daarom graag samen met de overheid eenvoudige nationale standaarden en handelingen ontwikkelen, waarin we allemaal dezelfde taal spreken. Niet te juridisch en te ambtelijk. Daarbij is de kracht van herhaling belangrijk. Ook is het nodig om duidelijk te maken welke risico’s er zijn en bij wie de rekening wordt neergelegd.”

Wat bieden jullie als Verbond van Verzekeraars?

“We werken aan heldere preventietips, rapporten en kennisbijeenkomsten.
Een manier van preventie is het geven van weerswaarschuwingen voor extreem weer. Wij werken hierin samen met het KNMI en de mensen van Early Warning Systems, omdat we de voorspellingen nog accurater willen maken. De bedoeling is dat verzekeraars hun klanten op de hoogte brengen en aangeven wat ze kunnen doen om schade te voorkomen: “Pas op, er komt zo een storm aan! Zet je auto niet onder een boom, leg je tuinspullen binnen en doe je ramen dicht.” Tijdens een storm afgelopen winter zetten veel verzekeraars hierop in richting hun klanten. Ook de media zat erbovenop. Het was een zondag, veel mensen waren thuis en namen zelf maatregelen. Het aantal schademeldingen was hierdoor veel lager dan dat wij verwachtten op basis van ons stormmodel.
We delen ook veel kennis met verzekeraars, want daar is veel vraag naar. Waar liggen de risico’s en hoe kun je daar producten op aanpassen? We hebben daarom een platform ontwikkeld waarbij de grootste schadeverzekeraars betrokken zijn. Ook hebben we een speciale website, verzekeraars.nl/klimaat, waar we kennis van verzekeraars én andere partijen delen. We verwijzen naar ruimtelijkeadaptatie.nl en wetenschappelijke rapporten. Vorig jaar maakten we een MKB toolkit. Daarin geven we onder andere aan dat je als ondernemer aan risicomanagement moet doen. Verder organiseren we webinars. In 2018 maakten we infographics in samenwerking met het ministerie van IenW over wat nu verzekerbaar is en wat niet. In datzelfde jaar brachten we een overstromingsadvies uit.
Een andere belangrijke ontwikkeling is dat we aangesloten zijn bij de Europese brancheorganisatie. Zo zit ik in een Europese werkgroep.”

“We moeten in Nederland meer openstaan voor kennis van anderen en minder arrogant zijn.”

Wat kunnen we leren van het buitenland?

“We kijken nog veel te nationaal naar hoe we omgaan met klimaatverandering. We moeten in Nederland meer openstaan voor kennis van anderen en minder arrogant zijn. De aandacht gaat begrijpelijkerwijs vooral naar wateroverlast en sinds kort ook naar droogte. Het is heel goed dat we trots zijn op ons watermanagement, maar wij denken soms dat we alle wijsheid in pacht hebben. Andere landen hebben heel veel ervaring op andere gebieden. Zo weten de zuidelijkere landen meer op het gebied van droogte. Onze collega’s uit de Alpenlanden hebben meer kennis over hagel en in Engeland weten ze meer over bodemverzakkingen.”

Eerder noemde je jullie overstromingsadvies. Waar gaat dit advies over?

“Nederland is niet verzekerd voor overstroming. De kans op overstroming door zee of grote rivieren is met onze goede waterveiligheid klein, maar als het gebeurt dan is er een enorme schade. Wij kunnen als verzekeraars tot aan een bepaalde hoogte risico’s verzekeren, maar op een gegeven moment houdt het voor ons op. Het moet namelijk betaald worden uit de premie van de verzekerden zélf. Toch zijn er wel mogelijkheden om op particuliere en zakelijke opstal- en inboedelpolissen een aanvullende dekking te bieden tegen lokale overstromingen. Zo’n verzekeringsdekking sluit beter aan op de WTS (Wet Tegemoetkoming Schade bij rampen en zware ongevallen), een compensatieregeling van de overheid. We zien dat verzekeraars onze adviezen nu gaan toepassen.
Ook denken we dat de eventuele overheidscompensatie beter kan worden geregeld door dit vooraf duidelijk te maken en door contractuele afspraken te maken met verzekeraars. Je voorkomt zo dat je opeens van alles op moet tuigen na een ramp, zoals bij de aardbeving in Groningen. Je verliest dan veel tijd met extra onrust als gevolg. De processen zijn duurder én er is onnodige vervolgschade. Daarover gaan we graag nog eens in gesprek met de overheid.”

Zijn er nog meer dingen die beter kunnen?

“Droogte en bodemdaling zijn beiden echt een probleem! Dat kunnen we ook niet verzekeren. Veel gemeenten doen hier te weinig aan. Er was een fonds ingesteld, zodat mensen goedkoop konden lenen om maatregelen te nemen. Verzekeraars stopten hier ook geld in, maar er waren maar drie gemeenten die hiermee werkten.
Bij vooral kleinere gemeenten is het een uitdaging om een crisissituatie voor te bereiden. Bij de enorme hagel en regen in 2016 zagen we dat verantwoordelijke ambtenaren op vakantie waren en dat er veel onduidelijkheid was. Dat soort dingen moet je vooraf goed regelen.”

“Er moet nu al nagedacht worden waar je wel en niet gaat bouwen.”

Wat zouden overheden volgens jou moeten doen?

“Er moet nu al nagedacht worden waar je wel en niet gaat bouwen. Bepaalde gebieden moeten misschien al wel langzaam worden ontruimd om plaats te maken voor een waterbuffer. Daar zijn maatschappelijke kosten-baten analyses voor nodig, met soms pijnlijke beslissingen. Als je die beslissingen nu gaat maken en het combineert met hulp, voorkom je nog veel meer gedoe in de toekomst. Burgers én bedrijven kunnen hier dan nu al rekening mee houden in hun eigen investeringsbeslissingen.
Ik wil gemeenten ook adviseren niet te gaan voor het snelle geld door zoveel mogelijk bij te bouwen, maar vooraf te kijken of een gebied op de lange termijn wel zo geschikt is voor een woonwijk of bedrijventerrein.
Verder kunnen gemeenten kijken naar hun gemeentelijke stimuleringen en gemeentebelastingen. En ze kunnen subsidies geven voor het ‘onttegelen’ van tuinen.”

Wat is jouw oproep?

“Ik vind het belangrijk dat we meer inzicht krijgen in de gevolgen van klimaatverandering. Op de korte en lange termijn. Er moeten nu echt politieke keuzes worden gemaakt om ons land anders in te richten wat betreft risicomanagement. Het is van belang dat we heel goed weten wat wel en niet goed verzekerbaar is en dat we daar eerlijk over zijn. In het buitenland heb je catastrofe pools waar overheid en verzekeraars samenwerken. Daar kunnen we in Nederland nog veel van leren!”

Het Verbond van Verzekeraars is de brancheorganisatie van schade- en levensverzekeraars. Ze vertegenwoordigen ruim 95 procent van alle verzekeraars in Nederland. Ze behartigen de belangen van hun leden, spelen in op maatschappelijke ontwikkelingen en verbinden de verzekeringssector met de samenleving.


Timo Brinkman

Dit verhaal maakt onderdeel uit van een reeks klimaatverhalen van Samen Klimaatbestendig. Lees meer.