Living Lab Ruimtelijke Adaptatie Overijssel sluit succesvol af

Gepubliceerd 2 juli 2018

In het voorjaar van 2018 is het eerste Living Lab van het DPRA afgerond: Living Lab Ruimtelijke Adaptatie Overijssel. Dit Living Lab verbond drie hooggelegen Twentse steden met drie laaggelegen steden in de IJssel-Vechtdelta. In dit project leerden zij van elkaars uitdagingen en oplossingen. Het Living Lab richtte zich op slimmer netwerken, het maken van cross-overs tussen verschillende beleidsterreinen en het verbreden van de participatie. Op 17 april vond een afsluitende evalutie plaats. De tevredenheid was groot: “Goed om inzicht in problemen te krijgen en die te verbinden met andere disciplines.”

Foto van evaluatie

In 2016 startte het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie met Living Labs. Het doel was vernieuwend te werken aan de klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van stedelijk gebied. De drie grote Twentse steden en de steden in de IJssel-Vechtdelta werden benoemd tot het eerste Living Lab Ruimtelijke Adaptatie in Nederland. Dit Living Lab bracht de hooggelegen Twentse steden (Almelo, Enschede, Hengelo) en de laaggelegen IJssel-Vechtdeltasteden (Zwolle, Kampen, Zwartewaterland) met elkaar in verbinding. Partners waren de provincie Overijssel, Enschede, Hengelo, Almelo, waterschap Vechtstromen, Zwolle, Kampen, Zwartewaterland, waterschap Drents Overijsselse Delta en het Rijk.

Bij de start werden drie actielijnen onderscheiden. Dat leidde tot de volgende uitwerking:

  1. Actielijn procesinnovatie/netwerkend werken:
    Klimaatadaptatie is (veel) breder dan water! En dat geldt dus ook voor de bijbehorende netwerken. Dit maakt het complex of onoverzichtelijk. In inspiratiecolleges en intervisiebijeenkomsten werd gewerkt aan slimmer netwerken. En vooral aan vanuit elkaars kracht werken om het gezamenlijke doel te bereiken. (Begeleiding: Annemieke Roobeek, Nijenrode Business Universiteit)
  2. Actielijn cross-overs maken:
    Leer je collega’s (en hun beleidsterreinen) kennen, zorg dat jouw collega’s jouw wereld kennen, zorg dat je samen de maatschappelijke verbinding zoekt. In een pilot van vier masterclasses zocht een heterogene groep medewerkers van regionale overheden naar de cross-overs, om samen klimaatadaptatie verder te brengen. Nu ontbreekt dat nog vaak nog binnen organisaties. Er zijn plannen om deze pilot nu breder te implementeren. (Ontwikkeling en begeleiding: Theo de Bruijn en Bauke de Vries, Saxion Hogeschool).
  3. Actielijn participatie:
    Een risicodialoog voeren betekent ook met inwoners/winkeliers/bedrijven praten. Hoe moeilijk dat proces is, komt wel naar voren uit het boekje ‘Klimaatadaptatie en omgevingswet’, dat binnen deze actielijn werd gemaakt mede in samenwerking met de gemeente Almelo en dat op het portaal ruimtelijke adaptatie te downloaden (pdf, 1.9 MB) is. (Begeleiding: Peter van Rooy)

Alle resultaten/producten uit deze actielijnen staan hier. In april 2018 werd het Living Lab Overijssel afgerond. Op 17 april 2018 vond een afsluitende evaluatie plaats. Het evaluatiedocument is hier te downloaden (pdf, 207 kB). Maar enkele daarbij geuite hartenkreten zeggen misschien nog wel het meeste:

  • “Het werkt: zo samen intensief aan iets werken!”
  • “De vrijheid om dingen eens anders te kunnen doen dan anders, is van grote waarde.”
  • “Goed om inzicht in problemen en op de wateropgave te krijgen en die te verbinden met andere disciplines.”
  • “Wees trots, Overijssel, als koploperregio!”
  • “Stimulering door het Rijk helpt. Het ‘Rijk’ is óók partij in de ‘regio’.”
  • Mixed motives in de praktijk verbinden en uitvoeren: daar ligt de uitdaging!”

Het Living Lab Overijssel eindigt met mooie resultaten en tevreden deelnemers. En het belangrijkste: de basis is gelegd voor structurele samenwerking op gebied van klimaatadaptatie tussen hoog- en laag-Overijssel!