Nationaal hitteprotocol voor veevervoer

Hitte-adaptatie ook van belang in de veehouderij

Niet alleen voor mensen is er een Nationaal Hitteplan. Ook in de veehouderij is er een nationaal protocol dat voorschrijft hoe te handelen bij hitte. Dat plan hanteert andere criteria dan het Nationaal Hitteplan van KNMI en RIVM. Critici vinden het niet ver genoeg gaan.

Het Nationaal Hitteplan van KNMI en RIVM, dat gezondheidsorganisaties waarschuwt bij extreme hitte, trad begin juni net niet in werking. Wél werden de criteria gehaald voor het ‘Nationaal Plan voor veetransport bij extreme temperaturen’, een protocol van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA).

De NVWA, onderdeel van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, publiceerde dit protocol op 1 juli 2016. Het is het resultaat van overleg tussen het ministerie, de NVWA en verschillende brancheorganisaties in de veehouderijsector. Het plan betreft vooralsnog alleen varkens, runderen, schapen en geiten. De paardensector is nog met de NVWA in overleg. “De pluimveesector heeft aangegeven dat minder geschoven kan worden met de aanvoertijden van vleeskuikens naar slachthuizen tijdens dergelijke extreme temperaturen”, aldus de tekst van het Nationaal Plan. “Om deze reden heeft de pluimveesector zich (nog) niet aangesloten.”

Extra controles

Het RIVM kondigt het ‘menselijke’ Nationaal Hitteplan af als de kans groot is dat het vier dagen achter elkaar warmer is dan 27ᵒC. Dan vaardigt het instituut een serie richtlijnen uit met een vrijwillig karakter. Het plan van de NVWA treedt al eerder in werking: als het KNMI  voorspelt dat de temperatuur in de komende 24 uur boven de 27ᵒC uitkomt. Het protocol omschrijft verplichte maatregelen die moeten voorkomen dat de dieren tijdens het transport te maken krijgen met uitdroging en hittestress. Zo mogen er bij hitte minder dieren per vierkante meter worden vervoerd en zijn er regels voor de temperatuur in veewagens, ventilatie en watervoorziening.

Zodra het protocol in werking treedt, gaat de NVWA extra controles uitvoeren. Stijgt de temperatuur ter plaatse boven de 35ᵒC, dan is transport niet meer toegestaan. Zelf hanteert de NVWA tijdens hitte een tropenrooster: de controles worden vroeger op de dag uitgevoerd, zodat het transport ook vroeger kan plaatsvinden, als het nog niet zo heet is. Maar voor export van varkens geldt het tropenrooster voorlopig nog niet, omdat er met buitenlandse slachterijen nog geen afspraken zijn gemaakt over aangepaste tijden.

Ook in de stal

Daarover werden vorig jaar Kamervragen gesteld: critici vinden dat de NVWA actiever moet lobbyen voor Europese afspraken over veevervoer bij hitte. Ook is er een sterke roep voor hittemaatregelen die niet alleen voor transport gelden, maar ook voor omstandigheden in de stallen. Ten slotte pleiten dierenwelzijnsorganisaties ervoor dat ook de pluimveesector op korte termijn een verplicht hitteprotocol zal krijgen. De NVWA is over al deze punten in gesprek met de betrokken brancheorganisaties.

Meer informatie:


Nationaal hitteprotocol voor veevervoer

Photo by mali maeder from Pexels