Hoe verhoudt zich de zeespiegelmonitor 2018 tot het nieuwe IPCC-rapport over zeespiegelstijging?

De resultaten van de zeespiegelmonitor 2018 lijken op het eerste gezicht tegenstrijdig met die van het nieuwe IPCC-rapport 'The Ocean and Cryosphere in a Changing Climate'. We hebben Fedor Baart van Deltares gevraagd om dit verschil in resultaten te verklaren.

Het IPCC-rapport van september 2019 concludeerde dat de zeespiegel sneller stijgt dan verwacht door smeltende gletsjers en poolijs. Terwijl de zeespiegelmonitor 2018 de volgende resultaten liet zien:

  • De zeespiegel langs de Nederlandse kust stijgt, maar de snelheid van het stijgen neemt niet toe. De zeespiegel is daar over de periode 1890-2017 met 18,6 cm per eeuw gestegen tot 6 cm boven Normaal Amsterdams Peil (NAP). Bovendien is 4,5 cm van deze stijging veroorzaakt door bodemdaling.
  • De zeespiegel langs de Nederlandse kust is in 2018 t.o.v. van 2017 gedaald.

Hoe verklaar je deze conclusies die op het eerste gezicht met elkaar in strijd lijken?

De conclusies van het IPCC gaan over de mondiale zeespiegelstijging en dus niet alleen over de Nederlandse kust. De conclusies van de zeespiegelmonitor gaan juist alleen over de Nederlandse kust. Een paar verschillen tussen de zeespiegelstijging bij Nederland en de mondiale zeespiegelstijging:

  • De zeespiegel stijgt niet overal op de wereld even hard. Langs de Nederlandse kust stijgt de zeespiegel wel, maar minder hard dan op veel andere plekken in de wereld. Dat komt onder andere doordat het water van gesmolten landijs op Groenland niet bij Nederland terechtkomt. Nederland ligt wat dat betreft op een gunstige plek in de wereld. Maar dat zegt niet alles over de toekomst van de Nederlandse zeespiegelstijging. Als bijvoorbeeld het ijs op Antarctica sneller gaat smelten, komt er een versnelling van de zeespiegelstijging langs de Nederlandse kust.
  • De zeespiegel langs de Nederlandse kust kan het ene jaar een stuk hoger of lager zijn dan het andere door de invloed van stormen. Die kunnen de waterstand tijdens één of meer dagen flink opstuwen. Dat is bijvoorbeeld in 2017 gebeurd. Toen waren er twee grote stormen langs de Nederlandse kust. Over het hele jaar uitgemiddeld leverde dat een zeespiegelverhoging op van enkele centimeters ten opzichte van 2016. In een jaar zonder stormen en met veel oostenwind kan de zeespiegel juist een paar centimeter dalen. Dat was het geval in 2018. Vandaar het grote verschil tussen 2017 en 2018. Als je dus de zeespiegelstand van een aantal verschillende jaren met elkaar vergelijkt, zegt dat niet veel over de gemiddelde zeespiegelstand over een langere periode. Gemiddeld stijgt de zeespiegel langs de Nederlandse kust met enkele millimeters per jaar.

Waar moet je op letten als je onderzoeken over zeespiegelstijging met elkaar vergelijkt?

Het ene onderzoek over zeespiegelstijging is het andere niet. Het is belangrijk om te weten wat er precies is onderzocht en op welke manier. Let bij het vergelijken van onderzoeken onder andere op de volgende factoren:

  • Over welk gebied gaat het? De Nederlandse kust of de hele wereld?
  • Over welke periode gaat het? Bijvoorbeeld 1890 - 2017,  1993 - 2017, of de laatste paar jaar?
  • Hoe zijn de metingen gedaan? Met satellieten of een getijstation? Of is het een reconstructie op basis van meerdere bronnen?
  • Vanaf welk 0-punt wordt de zeespiegelstand bepaald? Wat is het verticale referentieniveau of gaat men uit van een lokaal verticaal referentie systeem, zoals NAP?
  • Gaat het onderzoek over absolute of relatieve zeespiegelstijging? Dus is de stijging in- of exclusief bodemdaling?
  • Welke statistische methode hebben onderzoekers gebruikt om de trend te berekenen?
  • Welke correcties zijn toegepast? Zoals een correctie voor bodemdaling onder de oceaan, of voor de uitbarsting van de Mount Pinatubo.