Impulsregeling klimaatadaptatie

Vanaf 1 januari 2021 kunnen gemeenten, provincies en waterschappen gebruikmaken van de Impulsregeling klimaatadaptatie. Via die regeling kunnen ze een bijdrage van het Rijk krijgen voor klimaatadaptatiemaatregelen. Het bedrag kan gebruikt worden om adaptatiemaatregelen versneld uit te voeren, om al geplande ruimtelijke maatregelen uit te breiden met adaptatiemaatregelen, of om nieuwe adaptatiemaatregelen op te pakken. Op deze pagina lees je meer over deze impulsregeling en hoe je een bijdrage kunt aanvragen.

Hoe vraag je een bijdrage aan?

Een bijdrage kun je aanvragen via de werkregio van het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie waar je deel van uitmaakt. Dit betekent dat je samen met andere partijen in je werkregio een maatregelpakket opstelt voor de periode tot en met 2027, en je samen een investeringsvoorstel indient bij het Rijk. Meerdere werkregio’s samen kunnen ook een voorstel indienen, bijvoorbeeld op het niveau van een gebiedsoverleg.

Hoeveel draagt het Rijk bij?

Het Rijk reserveert in de begroting van 2021 een bedrag van € 200 miljoen voor de Impulsregeling. Om het bedrag eerlijk over de werkregio’s te verdelen, gebruikt het ministerie van I&W een verdeelsleutel op basis van inwoneraantal en oppervlakte. Het maximumbedrag waarop aanspraak gemaakt kan worden, verschilt dus per werkregio. Deze bedragen zijn bekend geworden na Prinsjesdag 2020, toen de begroting naar de Tweede Kamer is gezonden. De werkregio’s hebben bericht gehad over het precieze totaalbedrag dat gereserveerd is en de verdeling hiervan over de werkregio’s.  Het Rijk draagt maximaal 33% van de kosten voor een maatregelpakket bij. De decentrale overheden in de werkregio maken onderling afspraken over hoe ze de overige 67% financieren.

Wat is de totale rijksinzet voor klimaatadaptatie?

De reservering van het Rijk voor deze impulsregeling is onderdeel van de afgesproken totale rijksinzet voor klimaatadaptatie van € 300 miljoen. Dit totale bedrag is vastgelegd in het bestuursakkoord klimaatadaptatie. Met dat bedrag ondersteunt het Rijk ook het ruimtelijke adaptatieproces in de werkregio’s, de uitvoering van pilots, kennisontwikkeling, en de realisatie van zoetwatermaatregelen die bijdragen aan de doelen van ruimtelijke adaptatie.

Vanaf wanneer kun je een aanvraag doen?

De Impulsregeling klimaatadaptatie gaat in op 1 januari 2021. Je kunt als werkregio van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2023 een bijdrage van het Rijk aanvragen. Je hoeft dan niet in één keer een aanvraag te doen voor het hele maatregelpakket. Je kunt de aanvraag verdelen over maximaal drie jaar. Daarbij kun je één keer per jaar een bijdrage aanvragen, totdat het maximumbudget van de werkregio bereikt is. In 2027 moet de uitvoering van de maatregelpakketten klaar zijn.

Aan welke voorwaarden moet het investeringsvoorstel voldoen?

De werkregio’s moeten een gezamenlijk voorstel indienen, dat voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • Uit het voorstel blijkt duidelijk wat de opgave is, op basis van stresstesten, risicodialogen en uitvoeringsagenda’s.
  • Het voorstel bevat een maatregelenprogramma.
  • De werkregio stelt zelf prioriteiten en vraagt niet meer aan dan het maximumbedrag dat het Rijk heeft toegekend op basis van de verdeelsleutel.
  • In het voorstel staat aangegeven dat het een bestuurlijk commitment betreft van minimaal twee verschillende overheidslagen in de werkregio(‘s). Dat betekent dat minimaal twee van de drie bestuurslagen (gemeente, provincie, waterschap) het eens zijn met het voorstel.
  • In het voorstel staat duidelijk onderbouwd waarom het voorgestelde maatregelpakket voldoet aan de criteria die het Rijk heeft opgesteld. Deze criteria staan ook verderop in deze tekst, onder ‘Aan welke criteria moet het maatregelpakket voldoen?’.
  • Het voorstel bevat een investeringsvoorstel waaraan de indieners zich kunnen houden en dat informatie geeft over hoe de financiering van het maatregelprogramma wordt opgebouwd.
  • Er staat in welke onderdelen van de uitvoeringsagenda versneld of aanvullend kunnen worden opgepakt met de rijksbijdrage.
  • Er staat in hoe de governance van de werkregio is ingericht.
  • Als het relevant is, staat er ook in hoe afstemming met de zoetwateropgave en de netwerken van Rijkswaterstaat plaatsvindt.

In de Kamerbrief staan alle criteria en randvoorwaarden aan de hand waarvan het Rijk de aanvragen toetst. Voldoet het voorstel aan alle criteria en randvoorwaarden? Dan maakt het Rijk het toegekende bedrag over naar een kassier (een gemeente of provincie) binnen de werkregio.

Aan welke criteria moet het maatregelpakket voldoen?

Het maatregelpakket moet aan de volgende criteria en randvoorwaarden voldoen:

Doeltreffendheid en doelmatigheid

  • Het maatregelpakket draagt bij aan het verminderen van de kwetsbaarheid van gebieden voor wateroverlast, droogte of de gevolgen van overstromingen.
  • De rijksbijdrage is nodig om adaptatiemaatregelen versneld uit te voeren, al geplande maatregelen uit te breiden met een adaptatiecomponent of nieuwe adaptatiemaatregelen op te pakken en betreft alleen kosten voor de realisatie (niet voor de voorbereidings- of onderzoeksfase).
  • Het maatregelpakket is een kosteneffectieve manier om de problemen te bestrijden.
  • De maatregelen betreffen geen regulier beheer en onderhoud of achterstallig onderhoud. Ook betreft het een aanpassing van de bestaande situatie (bij nieuwbouwprojecten wordt men geacht klimaatadaptatie van begin af aan mee te nemen).
  • De rijksbijdrage wordt alleen ingezet voor de (extra) kosten van klimaatadaptatie maatregelen ter bestrijding van wateroverlast, droogte of gevolgenbeperking overstromingen.

Cofinanciering

  • Het Rijk draagt 33% financiering bij aan het maatregelenpakket (tot een maximum van het door de verdeelsleutel vastgestelde bedrag per werkregio). De werkregio draagt 67% cofinanciering bij.
  • De rijksbijdrage aan de klimaat adaptieve component van maatregelen mag niet cumuleren met andere rijksbijdragen.

Integraliteit

  • Maatregelen dienen waar mogelijk meerdere Ruimtelijke Adaptatie-doelen, te weten wateroverlast, droogte, hittestress, gevolgenbeperking bij overstromingen
  • Fysieke maatregelen versterken bij voorkeur ook andere doelstellingen, bijvoorbeeld op het vlak van zoetwater beschikbaarheid, waterkwaliteit, vergroening, natuur/biodiversiteit, energietransitie, volksgezondheid.

Urgentie

  • Het maatregelenpakket vloeit voort uit de stresstest en risicodialoog.
  • Op basis van de risicodialoog staat de maatregel op de uitvoeringsagenda van een overheid binnen de werkregio

Haalbaarheid

  • Het voorstel kan rekenen op bestuurlijk draagvlak en heeft commitment van tenminste twee bestuurslagen
  • Het voorstel is haalbaar tegen de geraamde kosten en binnen de gestelde planning.

Legitimiteit

  • De besteding vindt plaats binnen de kaders het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie en de scope van het deltafonds. Dat betekent dat alleen maatregelen tegen wateroverlast, droogte of ter beperking van gevolgen van overstromingen in aanmerking komen. De maatregelen moeten worden getroffen door overheden in het kader van hun waterbeheertaken in de openbare ruimte.

Waar vind je meer over de impulsregeling?

Meer over deze Impulsregeling klimaatadaptatie vind je in de brief die minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) naar de Tweede Kamer stuurde. Zij heeft deze brief geschreven op basis van de afspraken die de Leden van de stuurgroep Water op 8 april 2020 maakten over de opzet en werking van deze regeling.

Vragen?

Heb je na lezen van deze informatie nog vragen over de impulsregeling? Kijk dan in de FAQ’s of je vraag daartussen staat. Staat je vraag er niet tussen? Stuur dan een mail naar postbus.RA@minienw.nl.