Voorbeeld PET-hittekaart overdag voor Wageningen

Hieronder zie je de standaardhittekaart versie 1.0 (december 2018) ontwikkeld voor het DPRA voor gebruik in de stresstest, geïllustreerd voor de stad Wageningen. De kaart geeft een indruk van het thermisch comfort in de stad op een 1 m² ruimtelijke resolutie. De kaart presenteert de gemiddelde gevoelstemperatuur (de zogenoemde fysiologisch equivalente temperatuur, PET (in ºC)) voor het tijdvak van 12:00-18:00 lokale tijd voor een hete zomerdag. Deze dag, 1 Juli 2015, is de 1 op 1000 hittedag voor de zomerperiode april tot en met september gebaseerd voor het tijdvak 2004-2018. In de toekomst (jaar 2050) zullen hoge gevoelstemperaturen vaker voorkomen en kan een huidige 1:1000 hittedag, een 1:450 hittedag worden volgens het warmste KNMI’14 klimaatscenario (WH). Met deze kaart kunnen lokale overheden een indruk krijgen waar in de gemeente warme plekken voorkomen tijdens extreme hitte.

Hittekaart Wageningen

Download de kaart in hoge resolutie (png, 5.6 MB)

Veelgestelde vragen over de PET-hittekaart overdag

Wat is de gevoelstemperatuur?
De gevoelstemperatuur is een temperatuur die aangeeft hoe warm een persoon bepaalde weersituatie beleeft, i.e. hoe gemakkelijk een persoon warmte kan afstaan. Niet alleen temperatuur, maar ook zonnestraling, windsnelheid en luchtvochtigheid bepalen de gevoelstemperatuur. Bijvoorbeeld, in de zon en uit de wind is het warmer dan in de schaduw. In het eerste geval kan het voelen alsof je in een kamer met de verwarming op 30 ºC zit (de PET is dan ook 30 ºC) terwijl de temperatuur die je in de schaduw ervaart veel meer overeenkomt met de feitelijk gemeten temperatuur (bijvoorbeeld een PET van 25 ºC).

2. Vanaf welke waarde van de gevoelstemperatuur treden er problemen op?
Onderstaande tabel (Santos Nouri et al., 2018) geeft voor een bereik van PET waardes de mate van fysiologische stress weer. Veel mensen lijken deze ‘drempelwaarden’ ook in de praktijk te herkennen. Thermo fysiologische studies (Höppe., 1999) hebben laten zien dat bij een gevoelstemperatuur van 23 ºC lichte hittestress optreedt. Vanaf 29 ºC is er sprake van matige hittestress. Bij het voorbeeld in de kaart hierboven zien we dat bepaalde openbare plekken in de klasse “extreme heat stress” vallen.

Relatie PET-waarden en fysiologische stress

3. Waarom gebruikt de kaart een gemiddelde waarde over de dag?

Een hittekaart voor een moment op de dag kan een vertekend beeld geven omdat de zonnestand voortdurend verandert. Dat betekent dat een straat die kortdurend opwarmt wanneer de zon hoog aan de hemel staat een uur later alweer schaduw kan hebben. Locaties die over een langere tijd gedurende dag hittestress vertonen zullen in deze kaart dus hoger worden aangeslagen. Hiermee geeft de kaart dus een meer representatieve indicatie voor probleemlocaties.

4. Hoe is de kaart tot stand gekomen?
Voor het maken van de kaart is gebruik gemaakt van verschillende bestanden met ruimtelijke factoren die van invloed zijn op de gevoelstemperatuur, zoals groen, bebouwing en hoogte informatie (Algemene Hoogtekaart Nederland (AHN), Object Hoogtekaart Nederland (OHN), het bomenregister, BGT, luchtfoto’s).

5. Hoe kan een gevoelstemperatuur berekend worden?
De gevoelstemperatuur voor een bepaalde locatie kan worden berekend door voor die plek een aantal weervariabelen (temperatuur, zonnestraling, windsnelheid, relatieve vochtigheid), en een aantal morfologische eigenschappen van de bebouwde omgeving (straatbreedte, gebouwhoogte, bomen) in een formule voor de PET te stoppen (Matzarakis et al., 2007).

6. Is de kaart gevalideerd?
Gevoelstemperaturen worden niet routinematig in de stad gemeten. Wageningen Universiteit heeft voor de maand augustus 2013 een rijke verzameling gevoelstemperaturen gemeten door met een bakfiets (uitgerust met meetapparatuur) trajecten langs gevarieerd bebouwd terrein te rijden. De kaart is tegen deze waarnemingen gevalideerd, en de gemodelleerde waarden bleken goed overeen te komen met de gemeten waarden.

7. Waarom wordt hier ingezoomd op de dag situatie?
Ondanks dat het stedelijk warmte-eiland het sterkst is aan het eind van de avond en het begin van de nacht is de hittedosis die mensen oplopen groter gedurende dag dan gedurende de nacht.

8. Hoe verschilt deze kaart van andere hittekaarten?
Deze paragraaf beschrijft kort een aantal verschillen van de standaardkaart ten opzichte van andere kaarten die op de markt beschikbaar zijn. Verschillende publieke en private partijen hebben de afgelopen jaren hittekaarten ontwikkeld. Deze verschillen in aanpak en methodiek waardoor niet altijd dezelfde conclusies kunnen worden getrokken. Elk van deze benaderingen hebben voordelen. Hieronder vindt u een overzicht van de verschillende methodes en de verschillen ten opzichte van de standaardkaart.

Pet kaart tabel

Download de tabel in hoge resolutie (png, 260 kB)

De nieuwe standaardkaart neemt enkele beperkingen weg door:

  • een gevoelstemperatuur te gebruiken (fysiologische maat) die sterker gerelateerd is aan gezondheid, en waarvoor grenswaardes bestaan;
  • alle ingrediënten voor gevoelstemperatuur (zonnestraling (zon/schaduw), temperatuur, wind, luchtvochtigheid) worden in acht genomen, niet alleen luchttemperatuur;
  • de gevoelstemperatuur te gebruiken voor een tijdvak (12:00-18:00 lokale tijd) in plaats van 1 toevallig moment overdag. Dit is een betere maat voor de blootstelling;
  • de gevoelstemperatuur te gebruiken voor leefniveau (geen dak- of straatniveau);
  • een voorgeschreven representatieve dag te kiezen (met een terugkeertijd van 1:1000 zomerdagen).
  • de kaart te valideren tegen waarnemingen;
  • projecties aan te bieden voor een toekomstig klimaat (KNMI’14 klimaatscenario).

Toch zijn er ook aandachtspunten voor verbetering van de huidige methoden om de hittekaarten te berekenen. De huidige methode is getoetst op een beperkt aantal meetgegevens voor de stad Wageningen. Ontwikkeling, ontsluiting van betrouwbare monitoringsgegevens met betrekking tot hittestress in de stad is daarbij van primair belang om de invloed van het ruimtegebruik, inclusief de invloed van water en antropogene warmtebronnen, op de gevoelstemperatuur in de stad beter te kunnen beschrijven. Enerzijds kan een verdampend wateroppervlak verkoelend werken, anderzijds dempt water door haar thermische traagheid ook nachtelijke koeling van de stad. Daarnaast is het de vraag in welke mate antropogene warmtebronnen (airco’s, verkeer, industrie) bijdragen aan de temperatuur in de stad. In de standaard kaart wordt geen rekening gehouden met verschillen in thermische eigenschappen van gebouwen door verschillen in kleur, reflectievermogen, albedo en thermische traagheid van bouwmaterialen.

Meer gedetailleerde achtergrondinformatie over deze kaart en het recept hoe deze kaart te maken is op te vragen via de helpdesk.


hitte-vk